Het ontstaan van de buurt De Rompert

Het ontstaan van de buurt De Rompert

Loading

Planvorming Den Bosch Noord
Eind jaren zestig van de vorige eeuw was de gemeente ‘s-Hertogenbosch toe aan een nieuwe uitbreidingswijk. Het stadsdeel West en de Aa-wijk waren min of meer afgerond en de stad zocht ruimte voor verdere groei. De meest voor de hand liggende richting was te vinden aan de noordkant van de stad, over de spoorlijn ‘s-Hertogenbosch-Nijmegen heen, maar dat was wel op andermans grondgebied. Er moest dus onderhandeld worden met de gemeenten Empel en Rosmalen om de gewenste uitbreiding van de stad te kunnen realiseren.

Op de foto u het poldergebied met de ‘Rompert Wetering’ over de bestaande bebouwing geprojecteerd. U ziet de huidige wijk De Rompert, de omliggende buurten en het vroegere verloop van het water.

Begin 1967 was het zover: de 3 gemeenten kwamen tot overeenstemming. Vooruitlopend op de definitieve grenswijzigingen werd in 1967 het bestemmingsplan ’Noord 1966’ vastgesteld, niet alleen door de gemeenteraad van de gemeente ‘s-Hertogenbosch maar ook door de gemeenteraden van Empel en Rosmalen. Het was een globaal bestemmingsplan: de toekomstige bestemmingen zijn slechts in grote lijnen aangegeven (‘vlekken’). Op basis van dit vlekkenplan werden later uitwerkingsplannen gemaakt die niet afzonderlijk meer door de gemeenteraad hoefden te worden vastgesteld. Dat gaf de stedenbouwkundigen en de architecten een grotere vrijheid om te experimenteren.

In 1968, nadat de belangrijkste grondaankopen en onteigeningen waren afgerond, kon men beginnen met het bouwrijp maken: een geringe ophoging, eerst met zand uit de IJzeren Vrouw, en later uit de nieuw te graven Ploossche Plas, de Ertveldplas en zelfs uit het Engelermeer.
Bij de start van het eerste deelplan werd een architectenteam geformeerd bestaande uit lokale en regionale architecten (onder de naam Architectengroep Noord), aangevuld met het stedenbouwkundige bureau Sterenberg uit Ter Apel. Sterenberg had in Emmen naam gemaakt met het plan Emmerhout. Samen met de hoofdafdeling Stadsontwikkeling werkte dit team in de loop van de zeventiger jaren een aantal deelplannen uit. Later, toen de meeste woonbuurten en het winkelcentrum waren afgerond, werd de Architectengroep Noord ontbonden. De deelnemende architecten richtten zich weer volledig op hun eigen bureaus.

Woonbuurt De Rompert
Na de eerst ontwikkelde deelplannen (De Slagen, De Hambaken en De Buitenpepers) was omstreeks 1972 De Rompert aan de beurt.
Even ter zijde: net zoals De Slagen, De Hambaken, De Buitenpepers en De Morgen is De Rompert een toponiem, een naam ontleend aan de historie van het gebied: op oude kaarten uit 1866 is De Rompert de naam van een waterloop in het gebied (zie ook “De Rompert Wetering” voor een detail-weergave).
Oorspronkelijk, zo blijkt uit de toelichting op het in 1973 vastgestelde bestemmingsplan, duidde men het plangebied aan als ’De Rompert-Zuid‘, “gelegen ten noorden van de toen reeds gerealiseerde wijk De Slagen-West, aan de noordzijde van de Sint Teunislaan en westelijk van de Balkweg”.

Bij de omschrijving van de bestemming Verkeersdoeleinden lezen we verder dat de ontsluitingsweg van de nieuwe woonbuurt aansluit op de Sint Teunislaan en “in de toekomst tevens zal dienen als verbinding met het aansluitend gebied ’De Rompert-Noord‘”. Dat is de buurt die nu bekend is onder de naam ‘De Morgen’.

De toelichting vermeldt verder dat er 404 eengezinswoningen in het plangebied zijn geprojecteerd, waarvan 58 in 1 bouwlaag, 191 in 2 bouwlagen en 94 in drie bouwlagen. Die laatste waren de drive-inwoningen, een woningtype dat in die tijd zeer gewild is. De woningen werden gerealiseerd in de gesubsidieerde en in de vrije koopsector. Daarmee bood het plan een gedifferentieerde woonmogelijkheid, ”hetgeen uiteraard de toekomstige sociale structuur van het wijkgedeelte gunstig zal beïnvloeden”, zo staat in de toelichting te lezen.
Verder voorzag het plan volgens de toelichting in 155 garages in woningen, 110 autoboxen en 233 parkeerplaatsen in de openbare ruimte, zodat er in het totaal 498 al of niet overdekte parkeerplaatsen beschikbaar zouden zijn. Omgerekend kwam dat neer op circa 1,3 parkeerplaats per woning, een in die tijd heel gebruikelijke norm voor woonbuurten met eengezinshuizen.

Terwijl de woningen in de eerste projecten in Noord, De Slagen, De Hambaken en De Buitenpepers, nog duidelijk waren ontworpen met het oog op productie van grote aantallen, verscheen er in het tweede deel van De Hambaken een nieuwe plattegrondvorm die meer inrichtingsmogelijkheden en meer bruikbare woonoppervlakte bood. Trap en toilet werden midden in de woning geplaatst in plaats van bij de voordeur bij het halletje. De woningen in De Rompert zijn ook volgens dit nieuwe concept ontworpen.

De eerste reeks woningen, zogenaamde premiekoopwoningen, bestaande uit woningblokken in 2 bouwlagen, zijn van de hand van architect Pol de Graaf, die enkele jaren later ook het gebouw van Activiteitencentrum Duinendaal aan de Eerste Rompert voor zijn rekening zou nemen.

Pol de Graaf had samen met zijn broer Harrie de Graaf in ‘s-Hertogenbosch een architectenbureau. Hij was een gematigde aanhanger van de Bossche School. Iedereen kent wel de San Salvatorkerk in Orthen die door de broers is ontworpen en de oudere bewoners van De Rompert herinneren zich nog het gebouw van de GGD, op de hoek van de Sint Teunislaan en de Eekbrouwersweg. Pol heeft daarnaast veel woningcomplexen, over de hele stad verspreid, ontworpen.

De overige woningtypes in De Rompert (drive-inwoningen, geschakeld vrijstaande en twee-onder-één-kapwoningen, en de bungalows) zijn ontworpen door architect Cor Passchier. Hij werkte ook mee aan het ontwerp van ’De Hamslag‘, het jeugdhonk dat jarenlang aan het begin van de Rompertdreef heeft gestaan, en was nauw betrokken bij het ontwerp van het winkelcentrum Rompertpassage.

Cor Passchier. Na de opheffing van de Architectengroep Noord richtte Cor Passchier een nieuw bureau op onder de naam Passchier-Visser, dat nu nog be-staat onder de naam Visser-Bouwman. Nadat hij zich uit het bureau had teruggetrokken sloeg hij een nieuwe weg in: inzet voor het be-houd van het gebouwde erfgoed in Indonesië. Cor Passchier woont in ‘s-Hertogenbosch. Een aantal oudere bewo-ners van De Rompert herinnert zich wellicht nog zijn vrouw Ine Passchier, die leidster was van de peuterzaal in De Hamslag, aan het begin van de Rompertdreef.

Het woningenproject De Rompert werd gerealiseerd in opdracht van Stienstra. Deze bij veel Bosschenaren ook nu nog bekende/roemruchte Rosmalense projectontwikkelaar uit de jaren ’70 en ’80 van de vorige eeuw, had door slim te anticiperen op de toekomstige ontwikkelingen in het nieuwe stadsdeel flinke lappen grond gekocht van de aldaar gevestigde boeren, deels ook op (toen nog) Rosmalens grondgebied. Daarmee verkeerde hij in 1972 in een goede onderhandelingspositie tegenover de gemeente ‘s-Hertogenbosch. Later zal dat uitdraaien op de beruchte ’Stienstra-affaire‘, een slepend conflict tussen gemeentebestuur en ondernemer, met als twistpunt de invulling van het bedrijventerrein De Herven, waar tegenwoordig de Meubelboulevard is gevestigd.
De woningen van De Rompert werden niet in één bouwstroom gerealiseerd. Toen in 1977 Vereniging Kontaktgroep De Rompert werd opgericht, was de buurt nog niet afgebouwd. Ontwikkelaar Stienstra hanteerde een strategie om pas met een nieuwe tranche van vrijesectorkoopwoningen te beginnen als er voldoende vraag was. Vrijwel alle woningen zijn dan ook vóór, tijdens of kort na de voltooiing van de bouw verkocht.

Woonbuurten Rompert Park, Rompert Centrum
Oorspronkelijk was het plan van de gemeente om het gebied noordelijk en westelijk van wijkcentrum de Rompertpassage te bebouwen met middel-hoge woonblokken met appartementen in de duurdere koop- of huursector, te realiseren in een open bebouwingswijze, dat wil zeggen met veel open ruimte tussen de afzonderlijke gebouwen.
Daar bleek in die tijd echter geen markt voor te zijn. Integendeel, er was een enorme vraag naar eengezinswoningen in de koopsector. Bij de herziening van het globale bestemmingsplan Noord 1972 werd de verhouding eengezinswoningen/appartementen gewijzigd ten gunste van de hoeveelheden eengezinswoningen.
Het Weertse bouwbedrijf Wilma en de ge-meente kwamen daarom overeen het aantal te bouwen appartementen om te zetten in grondgebonden eengezinswoningen. Dat hield in dat er gewoekerd moest worden met de beschikbare ruimte. Dat is nu nog terug te zien in de zeer compacte verkaveling van de woonbuurten.

De ontwerper van dit project, de Bossche architect Anton Becker, destijds deel uitmakend van de Architectengroep Sigmond (AGS) uit Heerlen, vertelt daarover: ”Peter Sigmond van AGS had mij in 1975 gevraagd dit project op me te nemen. In eerste instantie ontwikkelde ik een concept waarin een deel van de woningen pal tegen en over de (openbare) parkeervoorzieningen heen gebouwd zou worden, met de woningentree aan een woonstraatje aan de andere kant van de woning en de woonkamer/keuken op de eerste verdieping. Het dak van de overbouwde parkeerplaatsen zou dan dienen als (zeer ruim bemeten) dakterras voor de woningen; een vorm van meervoudig grondgebruik. Elders in het land waren daarvan al voorbeelden, zoals het plan Colmschate in Deventer en De Kasbah in Enschede.

Het concept stuitte echter op bezwaren van de gemeente, vooral van de brandweer. Uiteindelijk is het plan zo aangepast dat dit type woning een eigen garage kreeg met daarvoor de oprit als eigen parkeerplaats. Gewoon een drive-inwoning dus. Het dakterras werd teruggebracht tot een balkon van bescheiden afmetingen”.
In 1977 startte het bouwbedrijf met de bouw van de woningen die in de loop van 1978 werden opgeleverd.

Aansluitend daaraan, maar wel met enkele jaren ertussen, ontwierp Anton Becker ook nog het sluitstuk van dit gebied, op de hoek van de Sint Teunislaan en de Rompertsebaan. Opnieuw was bouwbedrijf Wilma opdrachtgever, maar nu waren er ook de woningbouwvereniging SWH en de PTT bij betrokken. Het project omvatte een postkantoor (tegenwoordig ING Bank) met daarboven huurappartementen.

Anton Becker
Na zijn studie aan de Technische Hogeschool Delft trad Anton Becker in 1969 in dienst bij het Bossche architectenbureau Van Halderen & Van Roggen. Daar begon hij aan een indrukwekkende carrière, op-klimmend van ontwerper bij verschillende architectenbureaus in ‘s-Hertogenbosch en in de regio, vervolgens in 1975 medewerkend architect/partner bij de Architectengroep Sigmond, tot hij in 1984 startte met zijn eigen Architectenburo Becker. Overal in onze stad komen we gebouwen tegen die door Anton Becker zijn ontworpen. Hij heeft in de afgelopen decennia (van 1975 tot 2009) een flink stempel gedrukt op het stadsbeeld, niet alleen in de wijken, maar ook in de binnenstad. De ouderen onder ons kennen hem bovendien nog als raadslid voor D66 en als voorzitter van de Bossche Rugbyclub The Dukes.

Winkelcentrum Rompertpassage
Centraal in de wijk Noord ligt het winkelcentrum Rompertpassage.
In 1972 gaf de ontwikkelingspoot van de AMRO de combinatie Wilma Weert en Architectengroep Sigmond uit Heerlen de opdracht een ontwerp te maken voor het nieuwe wijkwinkelcentrum van het stadsdeel Noord. De ambitie was om er een modern eigentijds winkelcentrum van te maken gebruik makend van de nieuwste inzichten op het gebied van detailhandel en consumentengedrag.
Het architectenbureau bedacht een geïntegreerd, multifunctioneel concept, met een grote verdiepte parkeerkelder, winkels op maaiveldniveau en daar bovenop wijkvoorzieningen. Dit concept bleek echter door de grote investeringen commercieel niet aantrekkelijk. AGS trok zich terug en de opdracht ging over naar de Architectengroep Noord, met Cor Passchier als ontwerper.

De eerste fase van de winkelpassage, met ingangen aan de Sint Teunislaan, aan het parkeerterrein aan de westzijde, en aan de oostzijde waar nu de buiteningang van Jumbo is, bestond uit 12 winkels en werd omstreeks 1975 in gebruik genomen: het postkantoor aan de buitenkant, een apotheek in het hart van de passage, één supermarkt en verder winkels voor de meest essentiële levensbehoeften. Daarna volgde aansluitend de tweede fase, met onder meer nieuwe ingangen aan de oostzijde en noordzijde, die begin maart 1977 officieel werd geopend.


In de eerste 15 jaar was het winkelcentrum een geweldige trekker, niet alleen voor de inwoners van Noord, maar ook voor de bewoners uit de nieuwe wijk Maaspoort en zelfs uit Rosmalen. Het liep zo goed dat de winkeliers van De Rompert wel wilden uitbreiden. De gemeente wilde daar niet in meegaan: er waren nog twee buurtwinkelcentra in Noord, De Hambaken en de Ploossche Hof, die de concurrentie met de Rompertpassage maar ternauwernood aan konden. Die buurtwinkelcentra waren, en zijn, nodig om ook voor de bewoners van die buurten een basaal voorzieningenniveau in stand te houden.
Zo’n 20 jaar na zijn opening was de winkelpassage toe aan een ingrijpende vernieuwing. De uitgangspunten van het oorspronkelijke planconcept waren achterhaald, de passage was te donker en het gebouw was hier en daar versleten. Het was duidelijk dat er iets moest gebeuren. Toch duurde het nog tot 2002, met het aantreden van de nieuwe voorzitter van de vergadering van de VVE, de vroegere apotheker drs. Heberle, voordat werd begonnen met de ontwikkeling van de plannen voor een
grondige renovatie van het complex: veel meer licht in de voorheen vrij donkere passage, een frisse, meer eigentijdse buitenkant, waar mogelijk benutting van de hoogte door middel van een tussenvloer en een grondige herinrichting van de parkeerterreinen. Randvoorwaarde bij de uitvoering: de verkoop moest gewoon door kunnen gaan.

De opdrachtgever (Vereniging van Eigenaren) trok architect Wim Stevens aan, die een goede reputatie en brede ervaring had met het opknappen van oudere winkelcentra. Die maakte een grondig en omvangrijk renovatieplan voor de hele Rompertpassage. Daarbij werd de passage voorzien van een lichtstraat en een nieuwe vloer, en kreeg het winkelcentrum aan de buitenzijde een nieuwe ’jas’ van rode baksteen. Het parkeerterrein aan de oostkant werd vergroot door een uitbreiding tot aan de waterlijn van de singel, die de woonbuurt Tweede Rompert scheidt van het centrumgebied.
Bovendien ontwierp Wim Stevens een woontoren aan de Sint Teunislaan, boven de Passage, waardoor het commerciële hart van de wijk Noord eindelijk ook in stedenbouwkundige zin werd geaccentueerd. Omstreeks 2005 was het project gereed.

Wim Stevens, een Bossche architect die net als Anton Becker zijn opleiding in Delft genoot, werkte in het verleden als architect-eigenaar in verschillende samenwerkingsverbanden: Stevens-Trimp, Axis Architecten, en Derks Stevens Stedebouw en Architectuur. Van zijn tekentafel komen onder meer het woningbouwproject aan het Water en Vuurplein in de binnenstad, de 3 appartementengebouwen langs de Oude Vlijmenseweg bij het voormalige Concordiacomplex in stadsdeel West, en de 2 woontorentjes bij de rotonde van de Maaspoortweg en de Burgemeester Godschalkxstraat. Daarnaast is hij een van de initiatiefnemers van de bronzen stadsma-quette op het Kerkpleintje in de binnenstad.

Bibliotheek en Gezondheidscentrum
Veel bewoners herinneren zich nog de wijkbibliotheek, met een binnendoor ingang vanaf de Passage. Vooral op woensdagmiddag trok menig gezin zich een uurtje terug in de bibliotheek terug om nieuw leesvoer te verzamelen voor de komende week. Toen de gemeente besloot dat de subsidie van de huisvesting van de bibliotheek in dit gebouw te kostbaar werd kwam het gebouw leeg te staan. De winkeliers maakten zich in eerste instantie sterk voor een commerciële invulling, immers het (toen nieuwe) bestemmingsplan voorzag in de mogelijkheid van winkels. De gemeente kwam daar echter op terug en stelde dat er een vergissing was begaan bij het maken van de plankaart.
In 2012, na jaren van leegstand, kwam de eigenaar, de gemeente, met een nieuwe huurder van het pand, een religieuze groepering die met name op zondag erediensten organiseert. Deze huurder heeft het pand vrij ingrijpend verbouwd. In december 2016 verkocht de gemeente het pand aan deze huurder.

Direct aan de westkant van het winkelcentrum Rompertpassage ligt het Gezondheidscentrum Noord. Net als de bibliotheek is ook dit gebouw ontworpen door het nu niet meer bestaande architectenbureau Calis en Van Gendt.
De gebouwen zijn kort na elkaar gerealiseerd, zo rond 1977/1978. Het gezondheidscentrum is enkele jaren later nog eens uitgebreid met een verdieping.

Ook Calis en Van Gendt hebben elders in de stad op markante plekken hun sporen achtergelaten: het meest bekend is het complex met bejaardenwoningen aan het Kapelaan Koopmansplein, in 1985 gebouwd op de plaats van de gesloopte Antonius van Paduakerk.